In de zomer denk je er nog niet aan, maar in het najaar begint het stookseizoen alweer. Veel huishoudens zetten de verwarming op 20 graden. Dat voelt comfortabel, maar is vaak warmer dan nodig. Voor de meeste mensen is 19 graden prima te doen, zeker met een warme trui of een plaid op de bank. Elke graad lager scheelt gas én geld.
Wat levert het op?
Een lagere temperatuur levert direct besparing op. Eén graad minder verwarmen scheelt ongeveer 10% op de stookkosten. Zet je de thermostaat van 21 naar 19 graden, dan kan dat oplopen tot ongeveer 20% besparing op verwarming. Voor een gemiddeld huishouden betekent dit over een heel stookseizoen al snel tientallen euro’s voordeel.
Ook ’s nachts kun je besparen. Zet de thermostaat een uur voor het slapengaan terug naar 15 graden. Zo verbruik je minder gas terwijl je huis vanzelf afkoelt voor de nacht.
Zo eenvoudig bespaar je energie
Stel de thermostaat slim in
Zet de thermostaat overdag op 19 graden en verlaag hem een uur voor het slapengaan naar 15 graden. Met een klokthermostaat stel je dit één keer in en bespaar je daarna automatisch energie.
Gebruik thermostaatknoppen bewust
Draai radiator- of thermostaatknoppen dicht zodra een kamer warm genoeg is. Zo verwarm je alleen de ruimtes die je gebruikt en voorkom je onnodig gasverbruik.
Verwarm alleen waar het nodig is
Wil je ’s ochtends douchen in een warme badkamer? Zet de verwarming dan alleen kort aan in die ruimte, of gebruik een infraroodpaneel voor snelle warmte zonder het hele huis te verwarmen.